Ga naar de laatste bijdrage
Wie zijn Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen, hieronder introduceert zij zich aan de hand van een aantal vragen.
| Naam |
Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen |
| Leeftijd en beroep |
57 en 36 jaar Gerrit is van beroep uitvoerder in de bouw en Jaco is leraar Economie en Management en Organisatie (kortgezegd M&O) in het voortgezet onderwijs. |
| Woonplaats |
Veenendaal |
| Gezinssituatie |
Gerrit: Getrouwd met Eefje, twee getrouwde kinderen Jaco (met Thea) en Sonja (met Marius) en 4 kleinzoons: Sven, Jorick, Gerco en Stefan Jaco: Getrouwd met Thea, en 2 zoons: Gerco (5) en Stefan (1) |
Hoelang hebben jullie al duiven?
|
Gerrit en Jaco beide opgegroeid met de duiven. Opa Job is de grondlegger van de duiventraditie bij de familie van Nieuwamerongen |
Hoe zijn jullie met de postduivensport in aanraking gekomen?
|
Door opa Job, die met de duiven is begonnen op 13-jarige leeftijd in 1925.
|
Hoe heeft de duivencarrière er tot nu uitgezien?
|
Gerrit speelde van jongsaf met opa samen. Eerst alleen vitesse/midfond en jonge duiven. Vanaf 1980 ook voor het Generaal kampioenschap, wat in 1982 is behaald in de afdeling E. In 1986 ging Jaco ook fanatiek meespelen, eerst met alleen de jonge duiven, later met een hokje nestduiven op de overnachtfond. Vanaf 1992 wordt er alleen op de overnachtfond gespeeld. In 1992 en 2004 is de Nationale Fondspiegel gewonnen. In 2004 en 2008 Keizer Generaal van de fondclub Gooi en Eemland en in 2006 wonnen vader en zoon 1e Nationaal Mont de Marsan |
Is de duivensport een gezinshobby? |
Gerrit en Jaco verzorgen samen de duiven. De jongens zijn nog te jong om een steentje bij te dragen.
|
|
Hoe is het duivenbestand opbebouwd?
|
Aantal Vliegduiven (nest/weduwschap), Kweekers, aantal jongen? 80 vliegduiven, waaronder zo’n 30 tot 35 jaarlingen die tot 650 km worden ingevlogen, 30 kweekduiven en 50 jongen. De oude duiven worden alleen op het nest gespeeld en de jongen worden zelf afgericht tot 130 km en daarna 1 of 2 keer op de navlucht gespeeld.
|
Ga jullie tijdens het seizoen met vakantie? |
Gerrit en Jaco gaan om de beurt op vakantie voor en/of na het overnachtfondseizoen. |
Welk spel heeft jullie voorkeur en waarom? |
Alleen nest.
|
Wat vinden jullie het leukste aan de duivensport? |
Gerrit: Vroege prijzen winnen. Jaco: Goede duiven kweken. Samen: Als een ander een vroege prijs pakt met een duif van ons. |
|
Welke plannen of voornemens hebben jullie voor dit seizoen en wat gaan jullie doen om die te verwezenlijken?
|
Een paar goede uitslagen neerzetten met een aantal vroege prijzen per vlucht en een hoog prijspercentage. Kampioen worden van de SMN !!!
|
Wat zou er veranderen in de duivensport als jullie het één dag voor het zeggen hadden? |
Proberen nachtvluchten te voorkomen door met staartwind in de ochtend te lossen en alleen overnachtvluchten boven de 800 km. |
Zijn jullie op enige wijze als bestuurslid o.i.d. betrokken in de duivensport? |
In het verleden Gerrit: 12 jaar bestuurslid van de vereniging en 20 jaar kiesman voor kring (van 1975-1995) en afdeling van de vereniging. Jaco: Secretaris van de vereniging (1995-2002). |
|
|
| Duivensport is een mooie hobby, waarbij het opvalt dat fondliefhebbers veel meer voor elkaar over hebben, dan liefhebbers van het korte werk. Raar maar waar. Hopelijk kunnen de fondliefhebbers dat goede voorbeeld nog eens over laten stromen naar de andere liefhebbers. |
|
|
| Onze accomodatie |

|
Stel Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen een vraag.Heeft u vragen aan Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen n.a.v. deze weblog stuur dan een e-mail naar : stichtingmarathonnoord@gmail.com met uw vraag. Deze vraag zal worden doorgestuurd naar Gerrit en Jaco en samen met het antwoord aan de log worden toegevoegd.
Bijdrage no. 22 - Datum 16 augustus 2010
De vorige bijdrage hebben geschreven na het inkorven van Bordeaux. We waren vol vertrouwen, want twee duiven hadden al een 1e prijs gewonnen dat jaar. Dus u begrijpt wel dat we aardig teleurgesteld waren dat we pas halverwege de prijzen begonnen en we 2 prijzen hadden van de 5 gezette duiven. ‘De Blauwe 37’ (1e St. Vincent) miste voor de eerste keer in zijn leven, maar kwam gelukkig wel aan het begin van de avond thuis. Zo hebben we maar weer eens ondervonden dat duivensport moeilijk te voorspellen is. De vlucht met de hoogste verwachtingen vooraf, is achteraf onze slechtste vlucht gebleken op de middaglossing. Vooraf hebben we zo gepland dat we op de drie vluchten die tellen voor de SMN de beste duiven mee zouden meegeven en de debutanten zoveel mogelijk op Perigueux en de eerste Cahors (wat eerst Montauban zou zijn) zouden worden ingemand. Juist op die twee vluchten waren achteraf de beste twee vluchten. Succes is blijkbaar niet te plannen als je elke vlucht tussen de 5 en 9 duiven (waaronder twee bewezen duiven, een enkele prijsvlieger en de rest debutanten) speelt. De bewezen duiven deden het niet altijd bij ons, behalve de “Blueband Giant” van 2003. Deze doffer vloog drie knappe prijzen. Hij werd duifkampioen in de vereniging met een 3e, een 2e en weer een 3e prijs in de vereniging tegen gemiddeld 70 duiven. In het rayon won hij de 30e Brive, de 6e Cahors I en de 6e Cahors II tegen gemiddeld 500 duiven. De andere bewezen duiven deden het maar 1 keer echt goed en de andere vluchten vlogen ze een middenmoot prijs of miste zelfs. Andere bewezen duiven als "Het Kleine Bonte Doffertje", de 806 en de 67 bleven zelfs achter, wat vervelender is dan missen. De laatste vluchten (Cahors II en Orange) hebben we weinig duiven gespeeld, omdat enkele duiven te ver in de rui waren en andere een beetje terugvielen in hun conditie. We denken dat we in de warme periode de hokken te weinig hebben geventileerd en dat daardoor wat luchtwegproblemen zijn ontstaan. Je moet sowieso alleen maar duiven spelen die top zijn op de zware fondvluchten. De drie duiven die naar Cahors II zijn geweest hebben het goed gedaan. Twee wonnen prijs (2 en 3 in de club, 4 en 6 in het rayon, 149 en 211 nationaal). Op Orange gingen 2 duiven mee en de eerste duif won de 35e tegen 650 duiven. Dan moet je tevreden zijn en dat zijn we ook. Al met al zijn we tevreden over het seizoen (vier nieuwe duiven opgestaan die kop kunnen vliegen), al zijn er genoeg dingen die beter hadden gekund: teveel verliezen (3 stuks) bij de bewezen duiven en de terugval van de conditie bij enkele duiven tijdens de warme periode. Het eerste valt niet veel aan te doen volgens ons, als je denkt duiven te spelen die goed in orde zijn, maar het tweede wel en daar moeten we voortaan alerter op zijn. Een duivenliefhebber is nooit uitgeleerd !!!
Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 21 - Datum 16 juli 2010
Dinsdagavond was het alweer inkorven voor Cahors. We hebben er negen mee. Twee ervaren duiven en zeven debutanten, waaronder vier jaarlingen. De debutanten krijgen het zwaar met de hitte. Ze hebben één geluk, de wind is mee, al is die zeer bescheiden. Het zal moeilijk worden en we hopen dat één of misschien beide ervaren duiven hun neus (snavel) aan de kop van het concoursvenster willen drukken. Voor de debutanten zal dat moeilijker worden, al kun je verrassingen nooit uitsluiten en dat doen we ook maar niet. Dit was het slot van vorige week op de dag van lossing van Cahors. Wat heeft de duivensport dan toch leuke wendingen, maar ook teleurstellende en dat binnen één vlucht. Om met de teleurstellende te beginnen. Dit schreef ik vorige week: we hopen dat één of misschien beide ervaren duiven hun neus (snavel) aan de kop van het concoursvenster willen drukken. Deze beide ervaren duiven hadden tot aan Cahors 100% prijs gevlogen. De één van drie vluchten en de ander van vier vluchten. Beide doffers zijn niet teruggekomen. Dat is triest en teleurstellend. Van de zeven debutanten wonnen er vier prijs, waaronder één van een jaarling, die de tweede van het hok was. Een duivinnetje gekweekt door Harold Zwiers uit een kruising van een duivin van Harold Zwiers en een doffer van ons. Onze eerste duif won de 1e in de club en in de regio, de 8e in de afdeling en de 21e nationaal. Deze doffer komt uit "Jo"(onze 1e nat. Mont de Marsan 2006). De vader van deze doffer is een zoon van ¾ broer "Jo" met de Geprikkelde, die in haar loopbaan 15 overnachtprijzen won. Hij is dus een beetje een inteeltproduct. Van de vier jaarlingen zijn er drie terug, de derde was er vanmorgen. Van de winnende duif hebben we nog geen foto gemaakt, de camera is verdronken tijdens de onweersbui van afgelopen zaterdagavond. De foto komt nog wel. Afgelopen dinsdag 5 duiven ingemand voor Bordeaux. 2 van deze 5 hebben dit jaar een 1e prijs gewonnen. 2 andere zijn debutanten. We hopen dat ze net zo goed komen als de andere weken, hopelijk zonder verliezen dit keer. Veel succes allemaal iedereen!!!
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 20 - Datum 9 juli 2010
Dat het niet elke week feest is, bewees het weekend van Barcelona. Wat een rampenplan was die vlucht voor ons. Gisterenavond (donderdag) kwam de eerste van de twee Barcelona-duivinnen thuis. Ik was blij dat ik haar zag en dat heb ik niet vaak bij laatkomers, moet ik eerlijk zeggen. De twee duivinnen hadden een goede voorbereiding gehad, zagen er goed uit, maar konden niet bereiken wat we hadden gehoopt. De lossing met onweer in het vooruitzicht hebben het beeld zwaar vertroebeld of deze duiven nu te licht (kwaliteit te weinig) waren voor deze klassieker of dat ze in de verkeerde zone zaten toen het onweer losbarstte in Frankrijk. We zullen het nooit weten. Iedere duif die zaterdag en zondag is thuisgekomen, heeft karakter en doorzettingsvermogen getoond en daar kun en moet je niets aan af doen. Dinsdagavond was het alweer inkorven voor Cahors. We hebben er negen mee. Twee ervaren duiven en zeven debutanten, waaronder vier jaarlingen. De debutanten krijgen het zwaar met de hitte. Ze hebben één geluk, de wind is mee, al is die zeer bescheiden. Het zal moeilijk worden en we hopen dat één of misschien beide ervaren duiven hun neus (snavel) aan de kop van het concoursvenster willen drukken. Voor de debutanten zal dat moeilijker worden, al kun je verrassingen nooit uitsluiten en dat doen we ook maar niet. Veel succes allemaal !!!
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 19 - Datum 29 juni 2010
Een druk duivenweekend is voorbij !!! Met het nodige succes!! Het begon met Perigueux. De duiven werden vrijdagmiddag gelost om 1 uur. Het was warm en de duiven hadden een klein briesje tegen. Bij ons viel zaterdagochtend de eerste om 10:42 uur en kort daarna de tweede om 10:48 uur. Goed voor de 1e en 2e prijs in het Inkorfcentrum. In het rayon nummer 4 en 6 en 29 en 36 in de afdeling. Een prestatie om zeer tevreden mee te zijn. Zeker als we kijken hoe de laatste jaren zijn verlopen. Voor het eerst lijkt de vorm en de prestaties uit het dal te zijn komen. Het dal dat in 2008 langzaam werd ingezet, waarvan je hoopt dat die niet te diep is en dat je snel weer de weg naar boven vindt. Dat lijkt nu te gebeuren gelukkig. In het inkorfcentrum hadden we ook prijs 6 en 10 tegen 76 duiven.
 "Blauwe Pietje" 75e nationaal Perigueux 2010
We hadden zes duiven mee, dit aantal hadden we ook mee op Bordeaux ZLU. Deze duiven werden zaterdagochtend gelost om 06:40 uur. In Zeeland begonnen de eerste duiven te vallen om half acht. Het werd al snel duidelijk dat het moeilijk werd om een duif voor het donker te pakken. Toch ging ik voor zitten om kwart voor tien. Het begon na een half uurtje al aardig te schemeren en toen zag ik uit het Westen een duif aankomen en die kwam toch echt naar beneden op een tijd die ik nooit meer vergeet: 22:22:27 uur. De eerste melding in Soest (Inkorfcentrum) en de snelste van de Fondunie 2000 en de 26e in de ZLU. Net geen ZLU-bokaal, maar wel een geweldige prestatie van deze duif. Zondagmorgen kregen we er nog vier duiven bij, die waarschijnlijk allemaal in de prijzen zitten van de Fondunie 2000.
 "De Zonsondergang" 26e nat. Bordeaux ZLU 2010 1e Fondunie 2000
Tussendoor op zaterdag kregen de andere duiven een vluchtje van Breteuil. Dat verliep goed en de laatste duif kwam zondagmorgen om tien over zes. Wel even schrikken, want ik dacht dat het de tweede Bordeauxer was. Al met al een goed duivenweekend. En wellicht het begin van wat wijzelf een comeback vinden na twee (veel) mindere jaren qua vroege duiven en prijspercentage. Nog een leuk detail. De eerste twee duiven van Perigueux en de eerste duif van Bordeaux ZLU komen allemaal uit dezelfde doffer: "Carteus Giant" van Eijerkamp. Deze doffer komt uit een zoon van "De Black Giant" ("Black Velvet") met een Carteus-duivin, die de moeder is van de 1e nat. Perpignan van Brockamp en grootmoeder van de 1e Internat. Barcelona van Menne. Alledrie de vroege duiven van afgelopen weekend komen dus uit de "Carteus Giant" met alledrie een andere duivin. De eerste van Perigueux heeft als moeder ‘de 592’ van Piet Westerlaken. De tweede duif van Perigueux heeft als moeder ‘De Gemotiveerde,’ die o.a. de 16e nat. St. Vincent won. En de Bordeaux-duif komt uit een duivin van Eijerkamp met eveneens de "Black Giant" als grootvader en een Carteus-duivin als moeder. Zondag hebben we nog twee duiven ingekorfd voor Barcelona en zo kwam een druk weekend ten einde.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 18 - Datum 24 juni 2010
Het is een drukke week, deze week. Afgelopen maandag ‘de-St.-Vincent-wachtdag.’ We hadden er vijf mee. In de club waren we de eerste. In de regio 4e en in de afdeling 52e. Niet super, maar het kon ermee door. Deze prestatie is van 'De Blauwe 37' een doffer die al vaker een eerste prijs had gewonnen. Hij stond dan ook 1e getekende. Wat tegenviel waren de nummers 2 t/m 4 op de lijst. Duiven die een goede prijs konden vliegen. Helaas zijn we nummer 2 en 4 kwijt en daar heb ik toch wel buikpijn van gehad, want veel goede prijsvliegers hebben we op het moment niet. Nummer 3, 'Het Kleine Bonte Doffertje,' kwam om kwart over vijf, net na de prijzen. Die is er tenminste nog. We hopen dat hij een slechte dag had en dat hij de volgende keer weer naar zijn kunnen prijs vliegt. Bij het verlies van weer twee goede prijsvliegers, komt er steeds meer hoop te liggen bij de jongere duiven, die dit jaar moeten debuteren op de overnachtfond. Aanvulling is een grote noodzaak op ons hok, die de laatste jaren veel goede duiven moest missen. St. Vincent kost bij veel liefhebbers veren en dat bevestigt (helaas) mijn vermoeden dat de lossing op zondag niet best was uitgekozen. Er zat in Noord Frankrijk en België teveel hardnekkige bewolking met enkele buien, die de oriëntatie van de duiven niet bevorderde. Daarom zaten er in verhouding veel vroege duiven aan de westkant van Nederland. De duiven zoeken toch het betere weer op. Van mij hadden ze best een dagje later mogen lossen. Het is vreemd dat alle vluchten terugkomen en de duiven in Pau en St. Vincent worden gelost. Of dat de duiven Noord Frankrijk niet konden halen die dag? Waarom konden ze geen dag wachten? De duiven werden trouwens prima verzorgt, want de duiven die thuiskwamen zagen er goed uit. Ik heb maandag niet veel mensen horen klagen over de verzorging van de duiven. Complimenten voor de verzorgers ter plaatse!!! Als de duiven maandag waren gelost, dan waren de verliezen minder geweest. Het front was toen wel helemaal weg in de middag. Dinsdagavond hebben we de drie Brive-duiven met drie debutanten voor Perigueux (840 km) ingekorfd. Eén debutant was zo mooi dat we hem tweede getekende hebben gezet. Gisterenavond hebben we zes (waarvan vijf debutanten) duiven in de mand gedaan voor de ZLU-vlucht vanuit Bordeaux (920 km). Het wordt komend weekend een weekend van verrassingen en ik hoop in positieve zin. Voor Perigueux hadden we ook acht jaarlingen opgevoerd, maar die zijn thuis gehouden vanwege de warmte die er in het weekend in Frankrijk is. Onze jaarlingen zijn veel te onervaren om ze daar aan bloot te stellen. De meeste vliegduiven die nu nog thuis zitten gaan vrijdagavond naar Breteuil (350 km). De duiven van St. Vincent en enkele duivinnen die weer gaan leggen, zullen thuisblijven. Van de jongen zijn er nog 61. Ze beginnen goed te trekken, dus dat gaat de goede kant op. In het kleine tussenhokje hebben we nog 10 duifjes afgezet uit bijzondere koppels. Hier zitten ook twee jonge duiven bij van Theo Koenen uit Nijmegen, die o.a. met onze duiven goed vliegt. Onze duiven doen het dit jaar weer goed bij andere liefhebbers. Op Bergerac (afd 1 Zeeland) vloog Kees Filius een 5e (stond op teletekst) met een kruising van Van Alphen en een duif van ons en op St. Vincent speelde Sjaak Buwalda de 5e in sector IV met een jong uit een samenkweek met zijn en onze duiven.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 17 - Datum 8 juni 2010
Afgelopen weekend drie vluchten meegedaan: 25 jaarlingen en een late duivin van 2008 naar Nanteuil (372 km) gestuurd. Voor de eerste keer twee nachten mand in hun leven. Drie duiven naar Brive gedaan en verder 23 overjarige duiven naar Dourdan (460 km). Vier duiven zijn om uiteenlopende redenen thuis gebleven. Het was niet makkelijk:
- Brive ging heel aardig. Drie mee drie prijs: 3, 13 en 17 tegen 77 duiven. Op Brive pakten we ‘de 033’ van 2003 maar weer eens. Heel knap van deze gelouterde doffer, maar het wordt hoog tijd, dat er wat jongere duiven zijn rol gaan overnemen!!! Ik heb steeds gedacht dat Brive onze slechtste middaglossingsvlucht zou worden, dus het wordt een goed seizoen. Ben alleen bang dat nu een of andere waaivlucht de slechtste vlucht gaat worden.
- Nanteuil zaten we een kwartier na de prijzen. Was verwacht, we hadden de jaarlingen maximaal voor de zesde keer van hun leven in de mand, de eerste keer twee nachten, geen stand en heel warm. Er zijn er wel drie weg, waarvan één mijn schuld, die was twee weekenden thuis geweest en had ik nooit mogen spelen.
- Dourdan was een vreemde vlucht. Twee duiven hadden haast: 6 voor 2 de eerste, 9 over 2 de tweede en dan blijft het even stil en wordt het half drie. We misten er 's avonds nog 6 van de 23 en nu nog drie, waaronder onze eerste van Bordeaux ZLU van vorig jaar. Deze vlucht verliep tegenvallend, vooral de laatste duiven kwamen slecht na. Lichtpuntje: de St. Vincent-duiven waren er vrij snel weer, waaronder de eerste twee duiven rond twee uur.
Op St. Vincent proberen we vijf duiven te spelen. Twee ervaringsdeskundigen (doffer en duivin) van 2005, een doffer van 2006 die vorig jaar alleen Bordeaux heeft gehad en in 2008: Limoges en Bergerac. Een duivin van 2006, die de laatste twee seizoenen op Montauban leuke prijzen heeft gewonnen en een duivin van 2007, die vorig jaar Perigueux en Bergerac heeft gehad. De jongen zitten nu allemaal bij elkaar: 63. Vrijdag zijn er twee van het hok weggebleven.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
 Op de foto de duivin die haast had op Dourdan en een kanshebber op de aangewezen plaatsen voor St. Vincent.
Bijdrage no. 16 - Datum 17 mei 2010 Wat een koud voorjaar hebben we dit jaar. Voor ons heeft dat het programma aardig in de war gebracht. Dat is het gevolg van een keuze om met de kou rustig aan te doen met de duiven, zodat de duiven niet teveel de reserves aan moeten spreken, die ze zo hard nodig hebben voor de vluchten als St. Vincent, Montauban, Cahors, Barcelona enz. De voorlaatste africhting was al weer op 24 april naar Lommel (87 km). De laatste 16 hadden moeite om thuis te komen. ‘s Avonds moesten er nog 7 komen, waarvan er 6 een dag erna zijn gekomen. Een doffer van vier jaar oud is niet meer thuis gekomen. Verongelukt, dat kan niet anders, anders komt zo’n ervaren rot naar huis. Daar ging pa een week later (1 mei) op weg naar St. Job in 't Goor. Bij Gorinchem zat hij volop in de regen, dus de duiven maar dichtbij huis gelost, Wamel (24 km). Alles thuis, al waren er wel twee die hebben gewacht tot het echt droog werd. Toen werd het koud en hebben we de duiven twee weken thuis gehad. Gisteren was het eindelijk wat beter en warmer weer en vonden we het goed genoeg om de duiven weer eens weg te brengen. We hebben ze tien over twaalf in St. Job in 't Goor gelost. Ze waren er vrij vlot weer. De laatste kwam wat achteraan, want hij kwam in het schemer ’s avonds thuis. Het plan is nu: woensdag Strombeek en zondag Morlincourt. Het weer lijkt beter te blijven. Van de eerste ronde jongen zijn er nog 11. Twee van het hok weg en 6 weggedaan. Slap en niet mooi. Misschien zijn we te streng, maar dat houden we toch maar zo. Het was een matige eerste ronde. De tweede ronde van 27 jonkies zien er een stuk beter uit. De 11 jongen van de eerste ronde hebben al een tijdje gezelschap van 7 jongen van Harold Zwiers. Zo is het hokje toch weer mooi gevuld met een stelletje Twentse rakkers erbij. De jonkies van Harold zijn erg mooi. Vorige week hebben we een jonge duif opgehaald bij Jan Bakker uit Scherpenzeel, we hadden een bonnetje van hem gekocht. Het is een mooi duivinnetje. Vorig jaar stond Jan op teletekst van Montauban. Laat hij vorige week doodleuk zien dat de moeder van deze duivin een halve Van Nieuwamerongen is. Vorig jaar stonden twee 100% Van Nieuwamerongen bij andere liefhebbers op teletekst (Lambrechts Amersfoort en Van de Berg Utrecht) en een 75% Van Nieuwamerongen (Koenen Nijmegen) en dus ook een 25% Van Nieuwamerongen (Bakker Scherpenzeel). Dat is goed voor het zelfvertrouwen. De eerste ronde jongen beginnen mooi op een koppel te vliegen. Ze beginnen zelfs al even weg te trekken. Deze week gaat de tweede ronde ook los. Hopelijk zijn die er snel door. Verder zijn we begonnen met het afzetten van de derde ronde. Zo begint het hok lekker vol te lopen.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 15 - Datum 17 april 2010
Deze bijdrage zijn we inmiddels al drie keer begonnen en als u dit nu leest, dan is hij ook echt eindelijk helemaal af. De oudste jongen zijn bijna zover om naar buiten te gaan. Ze vliegen al zelf de schapjes op en het rennetje op de klep in, dus het kan binnenkort gebeuren. De tweede ronde jongen zijn we aan het ringen en de derde ronde komt komend weekend uit. Tegen de tijd dat alles weer groot is, hebben we jongen genoeg (tussen de 60 en de 70) om in het najaar de vliegploeg te kunnen aanvullen.
 De jaarlingen zijn de laatste week drie keer gelapt op 28, 50 en 42 km. De tweede vlucht ging superslecht. De duiven waren donderdag om 2 uur in de middag gelost in Boxtel en de eerste arriveerde om tien voor half vijf in Veenendaal. De duiven waren super schrikkerig en het leek of ze achteraan gezeten waren (door een roofvogel). ’s Avonds miste we er nog 11 van de 35. Gelukkig is nu (zaterdag) de schade beperkt tot 2. Al met al was het geen leuke ervaring. Volgend weekend hopen we naar Meer te gaan (80 km) en dan gaan bij goed weer ook de oudere duiven voor het eerst mee. Dit doen we altijd pas op 80 km, want oude duiven hebben niets aan die korte lapvluchtjes is onze mening, omdat ze gewend zijn grote afstanden af te leggen. Verder is het goed om de duiven langzaam aan in een ritme te krijgen, voor je het weet is het begin juni en begint uw en ons fondseizoen. Onze vliegploeg bestaat uit 33 jaarlingen en 30 oudere duiven, minder als we de laatste jaren hadden. Maar na een soort reorganisatie is het dit jaar wat minder in aantal en wordt de jonge duivenploeg wat groter. Het gaat, op het lapvluchtje van afgelopen donderdag na, allemaal volgens plan. De duiven zijn mooi, de moed zit er bij ons in. We houden U op de hoogte.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 14 - Datum 26 februari 2010
De eerste ronde van de kweekduiven zitten nu twee weken bij elkaar. Er moet nog één duivin leggen, waar eieren onder gelegd moet worden. Deze duivin was bij het koppelen aan de dikke kant, ondanks het schrale voersysteem van de laatste maand met veel gerst. Hierbij is maar weer bewezen dat gerst geen afslankvoer is, wat sommige liefhebbers denken. Gerst is wel goed voor het schoonmaken van het spijsverteringskanaal, omdat gerst ruwe vezels bevat net als paddy en dat schoonmaken is wel noodzakelijk in het winterseizoen na de ruiperiode. Van dit soort (dikke duiven) hebben wij geen hoge pet op, maar de tijd zal het leren of we het dit keer misschien mis hebben. De kweek van de eerste 20 koppels ging aardig goed. Ze legden voor het doen van onze duiven vrij vlot, 17 koppels op de 12e dag. Een paar koppels wilden niet koppelen. Met wat wisselen en twee koppels minder dan gepland zijn we met 20 koppels verder gegaan, inclusief de overlegkoppels. Dat sommige koppels elkaar niet willen, is bij ons elk jaar een probleem, ondanks voorkoppelen en dat soort hulpmiddelen. We hebben op het duivenforum ‘Het Praathuis’ wat rondgevraagd of andere liefhebbers dit probleem eveneens hebben. De antwoorden waren heel gevarieerd. Het viel ons wel op dat toch iets meer dan de helft van de liefhebbers daar geen last van hebben. We hebben het probleem allang geaccepteerd en als duiven die goed kweken en presteren deze vervelende eigenschap hebben, zoals bij ons, dan kweek je dat er ook een beetje in. Van de 11 koppels waar we de jongen van houden, zijn er 9 koppels kruisingen. Twee koppels zijn aan elkaar verwant. We hebben twee kleinkinderen van de ‘Red Rising Sun’ op elkaar staan en onze beste kweekdoffer van de laatste jaren staat op zijn kleindochter. De andere koppels zijn allemaal kruisingen. Duiven van andere liefhebbers tegen duiven die bij onszelf goed hebben gevlogen.

Zo hebben we doffers van Meindert Drienhuizen, Jan Roelofs, Harold Zwiers (twee), Chris Musters, Piet Westerlaken en Ben Roodbeen staan tegen eigen duivinnen. Verder hebben we duivinnen van Jurriens sr en jr en Bram Walpot (deze duivin won bij ons de 6e nat. St. Vincent) tegen eigen doffers staan. Op deze manier proberen we de volgende generatie goede vliegers te kweken. De volgende ronde gaat over twee weken bij elkaar en daar zitten zeven koppels bij waarbij volgens de lijnenteelt wordt gekweekt. De lijnenteelt zoals Gert Jan Beute dit zo mooi uitlegt op één van zijn dvd’s van de Koerier. De duiven zien er verder heel goed uit, dus we zijn tevreden over het eind van het winterseizoen en het begin van het kweekseizoen.
Tot een volgende keer. Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 13 - Datum 28 januari 2010
Over twee weken is het zover. De eerste koppels worden bij ons gezet om de eerste jongen te gaan kweken. We gaan 22 koppels zetten, waarvan 9 koppels om eieren over te leggen. Het begin van het seizoen. Aanstaand weekend gaan we nog een doffertje ophalen bij Harold Zwiers uit Den Ham. Een doffer met aan beide kanten zijn stamdoffer, ‘de 1336,’ in de stamboom. Deze doffer gaan we kruisen met een duivin waarvan beide ouders kleinkinderen van de “Black Giant” zijn. Deze duivin heeft zelf heel goed gevlogen met name op vluchten met zware omstandigheden. De (klein)kinderen van ‘de 1336’ van Harold kunnen dat ook. Deze koppeling is ontstaan, omdat bij de Comb. Niks twee kinderen uit een zelfde koppeling goed kwamen op Perigueux 2009. We hebben het hier weer over een pittige vlucht. Hopelijk levert deze koppeling bij ons ook goede duiven op. De duiven die binnenkort worden gekoppeld zitten in andere afdelingen dan de andere duiven die in maart aan de beurt zijn om te koppelen. Deze ‘vroege’ duiven voor de kweek worden van 7 uur tot 7 uur bijgelicht, zodat ze rijper worden voor het kweken. De andere duiven worden niet bijgelicht. Dit zijn de oudere vliegduiven en die worden dus halverwege maart gekoppeld. We hebben ondertussen alle duiven weer even in de hand gehad. We zijn dan benieuwd of er tussen de jaarlingen nog een duifje zit die ‘er bovenuit steekt.’ Dit jaar zit er een duivinnetje bij met een prachtig oog. Het is een donker duivinnetje uit onze 6e nationaal St.Vincent gekoppeld aan de driekwart-broer van "Jo" (onze 1e nationaal Mont de Marsan). Waarom driekwart-broer zou u kunnen zeggen? De vader is bij deze doffer en Jo dezelfde en de oma van "Jo" is de moeder van deze doffer. Deze duivin (oma "Jo") hebben we in 2001 een tijdje geleend van Izak de Jong en kwam uit een duivin die bij hem op teletekst stond van Dax. Het jaarling-duivinnetje van nu heeft veel kenmerken van het duivinnetje wat wij bijna tien jaar geleden mochten lenen van Izak: Mooie pluim (dat hebben al onze duiven, want anders hoeven we ze niet), evenwichtig in de hand en een fabelachtig oog. Het oog is een beetje bont, kleurt wat groen en vlamt je tegemoet. Deze duivin gaan we twee maal gebruiken voor de kweek. Hopelijk heeft ons gevoel en ‘verstand van duiven’ (lees maar ervaring) gelijk en gaan we veel plezier beleven aan dit beestje.
 Dit jaar staan vier doffers centraal in ons kweekschema. Uit deze doffers gaan we drie rondes kweken met drie verschillende duivinnen. Twee van deze doffers zijn de vader van twee van onze betere duiven van de laatste jaren. Eén van deze doffers is onze beste vliegdoffer over de laatste drie jaar en die hoeft nu niet meer mee. De vierde doffer is een jonge doffer van twee jaar oud, waaruit we vorig jaar met twee verschillende duivinnen prachtige jongen hebben gefokt. Een oude kweekdoffer en de beste kweekduivinnen worden tweemaal gebruikt voor de kweek. Met de oudere kweekduivinnen (minimaal 6 jaar oud) wordt er zuinig aan gedaan, zodat ze nog wat jaren meekunnen. Als het nodig is, wordt er later in het seizoen nog wel koppel jongen van aangehouden. Er wordt met zeven koppels lijnenteelt gedaan. Hoe we dat hebben gedaan kunt hier een paar voorbeelden van zien. Kind van een goede duif tegen een kleinkind van dezelfde goede duif. Het kind is van het tegengestelde geslacht van de goede duif en het kleinkind is van hetzelfde geslacht (via het tegengestelde geslacht) van de goede duif. Deze koppelingen hebben als basis de zes beste duivinnen en de beste doffer. Nadenken over het kweken is een leuke bezigheid en dan maar hopen en bidden dat het resultaat gaat geven. Dit weten pas over een jaartje of drie. Dat is bij het fondspel wel een nadeeltje. Allemaal veel plezier met het kweken.
Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 12 - Datum 03 januari 2010
De beste wensen voor 2010, een jaar vol geluk en vooral gezondheid voor iedereen. Verder hopen wij dat iedereen weer een stap voorwaarts maakt met de duiven en geniet van de sport. De kweekperiode is voor veel liefhebbers aangebroken, maar voor die tijd werd er veel gediscusseerd over het vliegprogramma voor ons grote fondliefhebbers. Wat ons opvalt in die discussies dat de meningen heel slecht onderbouwd worden. Men roept wat er in ze opkomt en denkt niet even na of het wel zinvol is. Complottheorieën komen voor de dag, die er niet of nauwelijks zijn. Jammer! Toch zitten er goede kanten aan de discussies. Mensen maken zich sterk en willen zich in gaan zetten om een goed programma samen te gaan stellen (helaas pas voor 2011) waar iedereen aan zijn trekken komt. We hopen dat dit zijn vruchten af gaat werpen. Wat zouden wij graag zien:
- Drie korte overnachtvluchten met een middaglossing van tussen de 850 en 925 km om onervaren duiven in te spelen
- Drie overnachtvluchten met een middaglossing van boven de 1.000 km voor de ervaren fondkleppers
- Drie overnachtvluchten met een ochtendlossing van minimaal 950 km georganiseerd door het NPO, die dus minder duur zijn dan de ZLU vluchten, omdat er geen (extra) gummiringen omheen hoeven en geen stempel in de vleugel gezet hoeft te worden
- Nachtaankomsten proberen te voorkomen door met staartwind in de ochtend te lossen of 200 km verder rijden
Het zijn persoonlijke wensen, waar veel duivenliefhebbers zich in kunnen vinden hebben wij gemerkt, maar waar enkelen anders overdenken en dat mag.
Het is voor veel liefhebbers kweektijd schreven wij al. Jaco heeft in december een aantal artikels geschreven over koppelingen samenstellen (te vinden op www.duivensites.nl , onder ‘nieuws en artikelen’). Dus we hebben samen veel nagedacht over de kweek. In eerste instantie zouden we op 14 januari de eerste 8 koppels gaan zetten met 8 overlegkoppels, maar dit hebben we een maand uitgesteld naar 11 februari. We hebben het niet op kweken in de vrieskou en als we het koppelen een maand gaan uitstellen kunnen we ook realiseren wat we wilden. We wilden uit een aantal duiven (in verschillende samenstellingen) drie rondes kweken voor onszelf en dat gaat nu nog steeds prima. Daar hebben we nog genoeg tijd voor.
Wat is ‘de rode draad’ in de artikels over koppelingen samenstellen. In gesprek met elkaar en met andere liefhebbers kwamen de volgende punten naar voren:
- Een ‘goede lijn,’ die goed vererfd moet je proberen vast te houden door Inteelt en/of Lijnenteelt
- Lijnenteelt en Inteelt leveren vaak betere kweekduiven op dan vliegduiven
- Goede vliegduiven kweek je vooral uit kruisingen tussen twee verschillende stammen. Deze stammen zijn zelf nauw aan elkaar verwant.
- Goede vliegduiven komen vaak uit een koppel waar minimaal één van de twee jong en vitaal is.
- Alles begint met goede duiven.
- Kweek met 25% tot 35% van je beste duiven en gebruik de rest om eieren over te leggen
Met deze gedachtes zijn wij koppels op papier gaan zetten en gaat de eerste ronde 11 februari op de kooien als alles goed verloopt. Een goede kweek gewenst en reacties zijn altijd welkom.
Groeten van Gerrit en Jaco

Voor de kweek is deze duif in vele opzichten geschikt
Bijdrage no. 11 - Datum 10 november 2009
Na een verhaal, waarvan ik deze zomer de informatie al had verzameld, is het nu tijd om eens wat te vertellen over de duiven in de eerste periode na het seizoen. In het seizoen kregen we de duiven niet zo als we graag zouden willen. Na thuiskomst van Montauban zijn de duiven een week gekuurd tegen ornithose en de laatste vier vluchten (Bergerac, Narbonne, Bordeaux en Perpignan) waren niet veel beter dan de vluchten ervoor. De duiven kwamen wel beter terug. Ze waren niet zo afgevallen en herstelden wat beter. Toen de rui inviel, bleek de gezondheid van de duiven nog steeds niet goed te zijn. Sommige duiven kregen vieze neusdoppen, bij sommigen ging een oog dicht zitten en bij anderen zat de keel vol troep zodat ze nauwelijks konden ademhalen. We hebben in die periode verschillende duiven opgeruimd, maar het stopte niet. Dus met vijf duiven die er niet best aan toe waren naar dr. Nanne Wolff. Deze duivendokter en goed fondspeler constateerde dat de duiven er niet best aan toe waren. Ze hadden het geel en wederom ornithose onder de leden en hij vermoedde een achterliggend virus die de weerstand van de duiven had aangetast. De duiven kregen een geelkuur voorgeschreven en een antibioticakuur van 14 dagen. De bedoeling was niet alleen het geel en ornithose op te lossen, maar ook het achterliggende virus voorgoed de kop in te drukken. De kuren zijn achter de rug, de duiven hebben nu vitaminen in het water om bij te komen van de kuur. De duiven glimmen weer en de uiterlijke viezigheden zijn verdwenen. Wat houdt ons nu steeds bezig?
- Hoe kunnen duiven die een kuur krijgen van 7 dagen twee maanden later weer ziek worden, zieker dan daarvoor zelfs? We hopen dat het achterliggende virus het probleem is geweest !!!
- Is de weerstand van de duiven niet aangetast door die kuren? De duiven hebben dit jaar net zoveel medicijnen in een jaar gehad als anders in tien jaar. Volgens Nanne Wolff kunnen duiven altijd ziek worden als ze in aanraking komen met andere besmette duiven. Wij zijn er niet gerust op.
- Hoe lang duurt het voordat we weer een hok met veel toppers hebben? We zijn de laatste jaren heel veel nationale top 100-duiven verspeeld !!! De tijd zal het leren. Eén voordeel hebben we wel. De kweekduiven bestaan alleen uit bewezen kwekers en vliegers en jonge duiven rechtstreeks uit goede duiven.
Om antwoord te geven aan Corné: Waar zijn we in het stille seizoen mee bezig? We proberen de duiven weer gezond te krijgen. Nu dit lijkt te lukken, worden deze week de hokken grondig schoongemaakt. Het oude stro gaat eruit, de hokken worden ontsmet met Halemid, vervolgens worden ze uitgerookt met Koudijs rooktabletten en krijgen ze een dag later schoon stro. Op deze manier hopen we dat de ziektekiemen uit het hok zijn. Verder denken we na welke koppels gevormd gaan worden en over hoeveel rondes dit wordt verdeeld. We houden van overkoppelen, ook tussen de rondes door, zodat we verschillende combinaties maken in een jaar. Dat vereist een goede planning vooraf en daarbij gaan we niet over één nacht ijs. Dit komt omdat we ook vliegduiven voor de kweek gebruiken. De duiven komen zo’n twee keer per week buiten. Als we thuiskomen van het werk is het vaak te laat om ze los te laten. Soms lukt het nog een keer doordeweeks, anders alleen op zaterdag en zondag. Er is af en toe een feestavond/middag waar we naar toe gaan. Straks beginnen de tentoonstellingen weer waar we bij een paar verenigingen gaan kijken. Verder kijken we graag een dvd-tje van de Koerier en zijn we in gesprek over onze duiven bij telefoongesprekken, op internet of tijdens bezoeken bij duivenvrienden en kennissen. Het winterseizoen is een mooie tijd om jezelf aan te scherpen, op te laden, om het voorbije seizoen te analyseren en het komende seizoen voor te bereiden.
Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 10 - Datum 08 november 2009
Druk druk druk …… Je hoort het veel om je heen en als ik naar mijn eigen weekindeling kijk, dan mag ik ook niet mopperen. Normaal gesproken ben ik druk met lesgeven, lessen voorbereiden, toetsen maken, toetsen nakijken, gesprekken met leerlingen over het leven met vrienden, het leven thuis en het leven op school en hoe alles gepland kan worden. Daarnaast heb ik nog een gezin met twee kleine jongens die je tijd wil geven. Als je dan ’s avonds de duiven hebt verzorgd, dan ben je blij dat je een keer rustig een leuke film op tv kan kijken of lekker praten met (duiven)vrienden door de telefoon of in het clubgebouw over van alles en nog wat. Dan hoor weleens wat leuks over onze hobby. Nu ik een rustig weekend heb, heb ik de tijd om een tweetal verhalen met jullie te delen, die ik van de zomer al een keer in een word-document had opgeslagen. Frans Weggers woont in het Drentse Annen en ken ik al vanaf het moment dat hij luiers volmaakte en mag je gerust de oudste duivenvriend noemen. Zijn vader Cees die helaas te vroeg is overleden kwam al bij mijn vader en opa toen ik het levenslicht nog niet gezien had. Er zijn veel duiven van de familie Weggers naar Veenendaal gekomen en andersom. Frans speelt graag op de dagfond en in zijn afdeling (10) zijn er wel drie dagfondvluchten voor hem boven de 700 km. Ruim een jaar geleden zei ik tegen Frans: ‘De afstand kunnen onze Black Giant-nazaten ook goed aan.’ In de vereniging hebben we al een paar keer een knappe tijdduif gepakt op 600 km, dus moet een 100 tot 150 km alleen maar beter gaan.’ In het voorjaar van 2008 verhuisde er zes Black Giant-nazaten naar Drenthe. Ze werden op de navlucht ingespeeld en twee doffers kwamen in 2009 in de weduwnaarsploeg van Frans. Ze kregen na een goede voorbereiding drie dagfondvluchten voor de kiezen en het resultaat was onvoldoende. Frans wist niet of hij deze doffers volgend jaar nog nodig zal hebben. Mijn advies was: ‘Geef ze Perigueux!’ Nu weet u dat wijzelf geen jaarlingen op de overnacht spelen, dus een raar advies van mijn kant. Ik zag deze doffers in de soep verdwijnen, dus ik zocht een redmiddel voor deze doffers, want je wil dat andere succes hebben met je duiven, toch? Frans volgde mijn raad op en de duiven werden klaargestoomd voor Perigueux. Voor deze duiven zo’n 970 km. Je raadt het misschien al: Frans draaide ze allebei!!! De tweede had nog een hogere snelheid dan onze eerste duif. Hij speelde in de hele afdeling 10 de 36e en 52e prijs. Een hele knappe prestatie van deze twee jaarling-doffers. Op een zaterdagavond werd ik opgebeld door Jaap van Laar, de voorzitter van onze club, en al jaren een goede duiven- en vooral gezelligheidsmaat van me. We hebben al heel wat problemen opgelost onder het genot van een biertje, een colaatje of cola-tikkie. Jaap heeft de afgelopen zomer wat zorgen en is er met het hoofd niet altijd helemaal bij. Op een donderdag ging hij de duiven inkorven om ze weer eens wat kilometers te geven. Hij pakt wat duiven uit het hok en brengt zijn invliegduiven naar het inkorflokaal. Een normaal verhaal tot nu toe. Zaterdagmorgen maakt Jaap zijn hok schoon en opeens mist hij zijn ouwe kweekduivin van 2001 die al drie jaar met pensioen is. Hij denkt na en telt in het hok en telt hoeveel duiven hij in de mand heeft gedaan op donderdag en komt erachter dat hij deze duivin heeft ingekorfd en wel op een vlucht van 455 km. Een duivin die ruim DRIE JAAR heeft STILgezeten. Dat kan niet goed gaan. De duiven werden gelost en de duiven kwamen één voor één naar huis. Om vier uur gaat Jaap altijd naar zijn voetbalclub SV Panter en de ouwe duivin was er nog niet. Toen Jaap aan het begin van de avond thuiskwam en in het hok ging kijken, zat de ouwe dame weer op haar nestje. Een bijzonder verhaal !!!
Groeten Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 9 - Datum 07 augustus 2009
Het fondseizoen zit er op. Tenminste voor onze duiven. In september staat er nog een ‘rare’vlucht op het programma om de kas van de Fondunie 2000 te spekken, maar daar hebben we geen zin meer in. Het seizoen was slopend, het wilde niet en dan lijkt het 2 maal zoveel energie en motivatie te kosten om het vol te houden. Er staat voor ons niets meer op het spel dus: einde oefening. De laatste vier vluchten waren niet geweldig met een aardig resultaat op Perpignan met twee duiven in de prijzen van de Fondunie van de twee gespeelde duiven. Narbonne gingen we er onderdoor en Bergerac en Bordeaux waren tussen de middenmoot en de subtop. Het enige wat beter was dan bij de eerdere vluchten, dat de duiven goed thuiskwamen. Niet sterk afgevallen en leeg, maar rond en nog goed aan het gewicht en de volgende dag weer kwiek door de lucht klepperend. Onze tijd gaat nu naar de jongen die we zelf africhten en dan een keer of twee Pommerouel meegeven met Brabant 2000. Ze doen het goed en er zitten hele mooie bij en dan maar hopen dat ze over twee jaar ons weer de vroege prijzen brengen waar we dit jaar tevergeefs op hebben zitten wachten. Een competitie heeft weinig winnaars en veel verliezers, dat maakt de prestatie van de kampioenen zo bijzonder en goed. Daarom: Alle kampioenen Gefeliciteerd !!! Als je in een zwaar seizoen als deze kunt schitteren, ben je in het bezit van een klasse hok met duiven. Tot de volgende bijdrage. Groeten Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 8 - Datum 09 juli 2009
Het is voor ons een moeizaam seizoen. Als ik de weblog lees van Arjan Beens, die eveneens niet tevreden is, denken wij: ‘Qua vroege duiven en prijspercentages heb je in vergelijking met ons niets te klagen.’ Hij kijkt vanuit zijn eigen perspectief en het verlies van goede duiven komt hard aan, dus we snappen hem best. Waarom zijn wij niet tevreden? Op Perigueux hadden we tien duiven mee. Zes nieuwe overnachters van 2007 en vier oudere duiven, waarvan twee duiven wel eens aan de kop hebben gevlogen. Eén van die duiven, ‘de 047 van Cees’ zijn we verspeeld en de andere miste voor de derde keer op rij (en dat moet hij geen vierde keer doen, hopen wij). Van de nieuwelingen vloog er één prijs en dat was gelijk de enige prijs, tussen de subtop en de middenmoot in. Dus een slechte vlucht voor ons. Ook omdat we in totaal vier duiven zijn verspeeld. We hadden op Bordeaux ZLU acht duiven mee. We proberen de komende jaren een klein ZLU-ploegje op te bouwen om te kijken wat onze duiven op de vluchten met een ochtendlossing kunnen. We hadden twee prijzen, één net voor de helft van de prijzen en één achterin. De eerste duif kwam van Huub Hermans uit het Limburgse Born. Het waren nieuwelingen, dus deze duiven hebben het aardig gedaan, niet meer dan dat. Twee duiven bleven achter. Op Montauban hebben we vier duiven uitgekozen die er volgens ons redelijk goed opstonden. Echt goed en heel goed hebben we de duiven het hele jaar nog niet gehad, maar daar later meer over. ‘De Bonte 65’, ‘De 34’, ‘De Blauwe 37’ en de ‘De 099 van Eijerkamp’ gingen mee. Voor de laatste de eerste overnachtvlucht en de eerste drie zijn gerenommeerde topvliegers. De eerste twee genoemde waren dit jaar de eerste twee van St. Vincent (in omgekeerde volgorde) en ‘De Blauwe 37’ was de tweede duif van Limoges dit jaar en vorig jaar had hij al dicht bij de eerste 100 nationaal gevlogen op Limoges. Hij was de mooiste van de vier en we verwachten hem ook als eerste en dat gebeurde ook. Tegen half 11 kwam hij naar beneden onder het oog van Heimen Huisman en Wim van Dorrestein van de SMN. In het inkorfcentrum was hij de eerste voor wat het waard is en nationaal zal hij rond de 90e prijs uitkomen. De tweede duif kwam anderhalf uur later en zit nog bij de eerste helft van de prijzen. Het was de debutant. ‘De Bonte 65’ miste voor het eerst in zijn leven, maar kwam gelukkig wel rond half zes thuis. ‘De 34,’ de eerste duif van St. Vincent, moet nog komen. Dus weer een klap in het gezicht voor ons, want goede duiven kun je gewoon niet missen. ‘De 34’ is na ‘De 150,’ ‘De 047 van Cees’ al weer de derde top 100 duif die wegblijft dit jaar. En we hadden er al niet zoveel, omdat we er vorig jaar al bijna tien duiven hadden verspeeld van deze kwaliteit. Afgelopen vrijdag ben ik met een aantal duiven naar Nanne Wolff geweest. Hij onderzocht en bekeek de duiven en kwam tot de conclusie dat er weinig aan mankeerde. Bij het tweede (diepere) uitstrijkje kwam hij toch een besmetting van ornithose tegen. ‘Hier moet je een weekje tegen kuren en beginnen met het opsteken van een geelpil (een jonge duif had het geel) en dan vlieg je op Bergerac of Bordeaux weer teletekst,’ vertelde hij. Dus vanaf zondag zitten ze op een orni-kuur van Nanne en we hopen dat het de vorm gaat brengen voor de laatste twee vluchten, waarop we het hele jaar al wachten. Het is voor liefhebbers zoals wij frustrerend als je weet dat je duiven kop kunnen vliegen op zware overnachtvluchten zoals we dit jaar hebben gehad en ze doen dat niet. In het verleden hebben onze duiven verschillende nationale kopprijzen gewonnen: 1e, 6e, 11e, 11e, 16e, 21e, 25e, 28e, 29e enz enz nationaal in het recente verleden en we moeten dit jaar tevreden zijn met een vroegste duif rond de 90e nationaal. Dit is niet leuk!!!
Als andere liefhebbers met duiven van ons hok op teletekst vliegen dan weet je dat het niet aan de kwaliteit van de duivenstam ligt: 5e nat. Limoges (Comb van de Berg, Utrecht), 5e NPO Perigueux afd. 7 (Rinus Lambrechts, Amersfoort) en 10e NPO Perigueux afd. 8 (Theo Koenen, Nijmegen). De eerste twee waren 100% duiven van ons soort en de laatste 75% van ons soort. Dan weet je in ieder geval dat de onze duiven het kunnen. Je moet alleen de duiven op deze zware vluchten in een goede conditie hebben en dat hadden we niet helemaal, maar we weten nu gelukkig wat er achter steekt. We houden helemaal niet van kuren, maar als het moet dan moet het. Hopelijk gaat het de laatste twee vluchten stukken beter, zodat we het seizoen 2009 nog enige glans kunnen geven.
Maar dit is weer heel mooi.
Op bezoek bij Gerrit en Jaco - Datum 03 juli 2009
In onze bezoekronde langs de weblogauteurs bij Stichting Marathon Noord waren we dit keer te gast bij Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen. Het was zaterdag 4 juli de dag waarop de duiven van Montauban en Barcelona moesten thuiskomen en diverse afdelingen de eerste vluchten met de jongen hadden. Het weer was mooi met een licht windje uit westelijke richtingen en een goed zicht. Op deze dag zouden we een ronde maken naar diverse liefhebbers en de doelen laten afhangen van de aankomsten op Montauban en Barcelona want misschien konden we een bezoek aan een winnaar van één van beide vluchten brengen. Wim van Dorrestein en ondergetekende hadden dus als eerste doel de mannen in Veenendaal uitgekozen, waar we om even voor half elf aankwamen. Na de begroetingen en overhandiging van een aardigheidje viel er een duif op de klep wat de eerste van Montauban bleek te zijn. De aankomst van de 5-1134737 (2e get.) om 10:26:51 u. lijkt goed te zijn voor een prijs bij de eerste 40 bij Marathon Noord.
 De eerste op Montauban van Gerrit en Jaco direct na aankomst
Direct werden de bevriende melkers geïnformeerd over de aankomst van deze duif welke de eerste in hun inkorfcentrum bleek te zijn. Tamelijk ontspannen konden we onder het genot van de koffie wat “melken” in het zenuwcentrum waar soms een telefoon afging maar niet altijd duidelijk welke het was. Het leek er toen al op de de concoursen op zaterdag gesloten konden worden en dat was mooi omdat zondag Stefan, de jongste zoon, jarig zou zijn.
 Een blik op het zenuwcentrum
We mochten ook even gebruik maken van de computer om de aankomsten op Barcelona en Montauban te bekijken. Duidelijk werd wel dat Stichting Marathon Noord deelnemers Mark van den Berg uit IJsselmuiden op Montauban een goede kans maakte op de winst bij Marathon Noord. Omdat dit te ver uit de richting was voor het vliegende reporterteam van Stichting Marathon Noord werd besloten een bezoek bij Mark op een andere dag te doen. We namen afscheid bij de familie van Nieuwamerongen en zetten koers naar Velp waar één van onze jubilerende bestuurders woont.
Gerrit, Jaco, Thea en de kinderen nog veel succes gewenst.
Heimen Huisman
Bijdrage no. 7 - Datum 22 juni 2009
Na Limoges moesten we de zaak goed op een rijtje zetten voor St. Vincent.
Het plan was voor het begin van het seizoen zo: We zouden vijf ‘verse’ duiven klaarmaken voor deze Koninginnevlucht aangevuld met zo’n drie tot vijf Limoges-gangers. Van die vijf legden twee duivinnen te vroeg, dus dan zouden ze met pap in de krop de mand in moeten. Daar zijn we niet voor, dus die twee vielen af. Een oudere duivin ‘De 22,’ nestzus van de "Vet Giant" die een paar weken eerder dood in de dakgoot lag, kwam niet best af van de trainingsvluchten en mocht op basis van zijn goede prestaties van de jaren ervoor met de ‘VUT.’ ‘De Bonte 165’ en ‘De 34’ bleven over. Doffers waar je met een gerust hart op kunt wachten, want als er niets tegenzit, dan zijn ze er. Maar twee is weinig, dus op zoek naar aanvulling uit de Limoges-ploeg. Zoals we in de vorige bijdrage schreven viel de lichting van 2006 tegen. Hier moest vooraf wel de aanvulling van komen, want de oudere duiven zaten qua stand beter voor Perigueux of Montauban. Van de 2006-duiven bleven twee kandidaten over ‘De 52,’ een duivin die goed was voor drie staartprijzen van de drie keer zetten en ‘de Andere 165,’ een doffer die op Limoges de vierde duif was met bijna 800 punten Nationaal, dus een goede middenmoter. De eerste viel af, omdat ze aan de lichte kant bleef. Dus moest ‘De Andere 165’ het trio volmaken. Hij ging goed de mand in, dus had een goede kans op een goede prijs. Al met al gingen we met een kleine ploeg, drie duiven, naar St. Vincent. We hadden het liever anders gezien, maar het is niet anders. Vrijdag gingen de duiven los en we verwachten een niet al te moeilijke, maar ook niet te makkelijke vlucht. Zaterdag bleek de vlucht pittiger te zijn, dan we dachten. Niet verkeerd !!! We hoopten op een prijsje bij de eerste honderd, maar dit lukte niet. Waarschijnlijk zitten de eerste twee duiven 280e en 414e nationaal tegen ruim 6.600 duiven. Niet slecht natuurlijk, maar we hadden op beter gehoopt, maar met drie duiven mee mogen we eigenlijk niet klagen. Maar winnaars als we graag zijn, streven we naar beter. De derde duif kwam rond kwart over vijf en was een kleine twee uur te laat voor de prijzen, maar hij kwam thuis en herstelde goed. De eerste twee duiven (9 en 19 over 1 uur) waren ‘De 34,’ een doffer van 2005, die vorig jaar een vergelijkbare prijs won op Montauban (één keer mee geweest) en ‘de Bonte 165,’ een doffer van 2004, die vorig jaar duifkampioen was van de CCG 7 van de afdeling 7. Trouwe duiven komen altijd, maar de vorm moet nog groeien om betere uitslagen te maken en daar werken we aan. Tot over een paar dagen, dan proberen we wat te schrijven over de voorbereidingen van Perigueux en Montauban.

Bijdrage no. 6 - Datum 2 juni 2009
Limoges 2009 werd voor ons niet een vlucht waar we vaak aan terug zullen denken. Tenminste niet over de prestaties van onze duiven op ons hok. De prestaties van de duiven waren een beetje teleurstellend. Niet slecht, maar niet goed genoeg. Als het een pittige vlucht is, horen we aan de kop te zitten met onze duiven, dat kunnen ze normaal gesproken goed. Dat is een bewezen feit. Zaterdag echter was het net niet. We beginnen met een duif net binnen de 200 nationaal (velen zullen er voor tekenen) en we hebben slechts 6 prijzen van de 17. Voor een specialist onder de maat. Zijn we dan down, terneergeslagen? Valt mee, de teleurstelling is inmiddels verwerkt en we gaan proberen de duiven zo voor te bereiden dat het op St. Vincent beter gaat.
We schreven de vorige keer twee dingen over de Limoges-duiven: - Het ene hok is beter dan de andere - Tien duiven van 2006 hebben samen 5 prijzen gewonnen in 2008 Het hok dat beter was in de hand, kwam zaterdag slechter naar huis dan het andere. Rara hoe kan dat. Misschien omdat daar de meeste duiven van 2006 zaten, die nauwelijks een prijsje hadden gewonnen. Vier duiven van 2006 zijn weggebleven, inclusief degene die vorig jaar wel vroeg zat van Perigueux en die als eerst getekende de mand in ging op Limoges. De meeste van deze 2006-duiven zaten in het hok wat ‘zo-goed-aanvoelde.’ De kwaliteit van deze duiven is niet goed genoeg.
Twee van de tien vlogen prijs: De 4e en 5e duif van Limoges. De rest lijkt te licht bevonden. Vijf hebben dit jaar nog een kans het tegendeel te bewijzen. De rest kan dat niet, want die zijn achtergebleven. Welke duiven hebben wel goed gepresteerd: De oudjes!!! Onze eerste duif was ‘de 033’ van 2003. Deze doffer deed wat van hem werd verwacht of misschien wel meer en vloog een 84e tegen 5.702 duiven in de Afdeling 7. De derde duif was ‘Het Bonte Keesje’ (de 047) ook van 2003. Ze zat 18e in de CCG tegen 369 duiven. Daartussen deed de ‘Blauwe 37’ het boven verwachting (hij was van de aangewezen plaats afgehaald, omdat hij niet goed genoeg aanvoelde), toch vloog hij in de CCG de 12e prijs. Het klinkt een beetje zeurpieterig misschien dit bovenstaande verhaal en als je het afzet tegen het geheel is dat misschoen ook wel zo. We zijn alleen verwend met topuitslagen als de vluchten zwaar zijn, maar de vorm kan tegenvallen en sommige duiven vallen dan helaas door de mand. Er is gelukkig niets verloren, want qua punten verliezen we nauwelijks iets. Wij zijn altijd kritisch naar onszelf en we peppen ons op om de duiven beter te krijgen dan afgelopen weekend. |

|
Er zijn genoeg zaken waar we afgelopen zaterdag blij van werden: - Comb van den Berg uit Utrecht stond met hun tweede duif 5e op teletekst (een rechtstreekse duif van ons hok) - Duivenvrienden Piet Westerlaken en zoon Dirk Jan behaalden de 15e en 29e nationaal (de tweede duif is een product van de samenkweek met hen) - De achterburen (comb. Blankenstijn-Davelaar) behaalden de 1e prijs in ons inkorfcentrum - Onze jongste duivenvriend Corné van Oeveren pakten vier tijdduiven nadat hij twee jaar lang met de ziel onder de arm heeft gelopen, want het wilde niet op zijn nieuwe hok. Hij had in het inkorfcentrum plaats: 2, 4, 6 en 7 tegen 106 duiven. Vier duiven dik 1:10 met 10 duiven mee!!! Heel knap!!! - We gaan met 4 liefhebbers altijd de duiven zelf wegbrengen of in Oosterhout inkorven. Eén van ons gaat pas op Perigueux inkorven. Met ons drieën hadden we in het inkorfcentrum 1 t/m 8, 10 en 11 tegen 106 duiven (samen 31 duiven mee) Kortom genoeg om van te genieten !!!
Bijdrage no. 5 - Datum 28 mei 2009
De duiven zijn onderweg naar Limoges. Een vlucht van hemelsbreed 750 km. Een afstand waar wij niet vrolijk van worden, maar de omstandigheden (NO wind) die zijn voorspeld, maken een hoop goed. De echte overnachtduiven zullen boven komen drijven als ze gezond en in vorm zijn. Er is voor niemand een excuus om laat te zitten. Wij hebben 17 duiven ingekorfd. Eén duivin hebben we thuisgelaten omdat ze niet goed genoeg was. We hebben 2 hokken met drie afdelingen voor de oude duiven en in ieder hok zitten 24 koppels. Van het ene hok hebben we 8 duiven mee en die voelden heel goed aan en van het andere hok hadden we 9 duiven mee en van deze duiven waren er een aantal die minder goed waren. Niet onvoldoende anders hadden we ze thuis gelaten, maar minder als de duiven uit het andere hok. Pa en ik vonden dat vreemd en we zullen zaterdag zien hoe dat uitwerkt als de duiven thuis komen. We komen er zeker op terug. Vorig jaar hebben we een ander merk voer gevoerd en dat pakte slecht uit. Het systeem was hetzelfde maar de mengelingen van dit merk waren anders. Vooraf dachten we dat het beter zou zijn, maar achteraf kunnen we zeggen: het was stukken slechter. Toen we vorig jaar op Limoges de duiven inkorfden zei de clubgenoot die de duiven in de mand deed: Je duiven zijn minder aan het gewicht als andere jaren, het lijkt me niet goed. Ondanks dat de duiven redelijk goed kwamen, moesten we toegeven dat hij gelijk had. De duiven waren afgevlogen en herstelden stukken minder goed dan anders. Aan het eind van het jaar waren de kampioenschappen best goed, maar het prijspercentage was onder de maat en we hadden veel te veel verliezen geleden en sommige duiven waren zo versleten dat ze niet meer voor de vliegploeg van dit jaar geschikt waren. Dat merk voer ging eruit en we zijn weer bij de oude merken (Mariman, Beijers, Versele Laga en Patagoon) terecht gekomen. De duiven zijn beter dan vorig jaar. Zo lijkt het tenminste. Omdat we vorig jaar de duiven niet optimaal naar onze zin hadden, hebben de duiven van 2006 geen eerlijke kans gehad in onze ogen. Tien van deze duiven zijn nu naar Limoges en we zijn benieuwd wat ze nu gaan doen. Samen hebben ze vorig jaar misschien vijf prijzen gewonnen (van de 1 of twee keer zetten), dus deze duiven kwamen niet in aanmerking voor de bovenste plaatsen op de inkorflijst. Eén duif van 2006 (naast die tien) is vorig jaar één keer meegeweest op Perigueux en was toen onze eerste (127e van de NU tegen 7163 duiven).
|
 "De 03-033"
|
 "De grote meneer"
| Omdat ze fanatiek op haar jong zat en haar zussen en broers goed zijn/waren is zij bovenaan komen te staan. Haar partner en halfbroer (zelfde vader) is de nummer twee van de lijst, ‘De 33’ van 2003 mist nooit en was in 2007 duifkampioen van de CCG en houdt van kopwind. De nummer drie van de lijst is ‘De Grote Meneer,’ deze doffer was vorig jaar onze eerste van Limoges, maar zijn stand is in onze ogen niet super (14 dagen broeden) daarom de 3e plaats en niet de 1e. Deze doffer van 2005 won vorig jaar de 21e in de NU tegen 9265 duiven en de 33e Nationaal tegen 13.249 duiven. Een gevaarlijke outsider naast die tien duiven van 2006 is de ‘Bonte 47’ van 2003. Ze won al kopprijzen op Limoges, Perigueux en Bergerac, maar kwam vorig jaar van Bordeaux weken later thuis en we weten nu niet echt wat we van haar kunnen verwachten. Al met al kijken we spanning naar zaterdag uit en we hopen dat de duiven aan onze verwachtingen voldoen of liever dat ze de verwachtingen overtreffen. We houden u op de hoogte.
Vraag en antwoord - Datum 21 mei 2009
Vraag:
Beste G&J van Nieuwamerongen, Zoals ik kan lezen hanteren jullie een totaal andere voorbereiding als b.v Arjan Beens die zijn duiven 1700 km wil laten vliegen, toch vliegen jullie er niet minder om wat is jullie reden van deze manier van voorbereiden, licht het aan het soort duiven, verschil tussen nest of weduwnaars etc. Vriendelijke groet, Corne van Oeveren
Antwoord:
Dag Corné,
Denk niet dat het aan het soort duiven ligt en ook niet aan het spel, maar wij vinden ritme belangrijker dan kilometers. We spelen op Limoges en St. Vincent ervaren duiven. Dat scheelt ook. Arjan heeft een voordeel als Limoges een vlot verloop heeft tov ons systeem van vijf korte vluchtjes van 80, 100, 215, 325 en 215 km, zoals we dit jaar hebben gedaan. Zijn duiven zitten op bijna het dubbele. Als het een rotvlucht wordt, gaat dat in zijn nadeel werken, denken wij. Maar we hopen voor hem en ook voor onszelf en vooral de duiven, dat het een mooie vlucht wordt met een beetje kopwind. Later in het seizoen kan het opbreken als je in het begin de duiven snel op toeren hebt gebracht, want je moet wel de vorm negen weken volhouden en dat valt niet mee. Daar heb je gelijk onze hoofdreden: Het seizoen is nog lang en ook tijdens het overnachtseizoen proberen wij de duiven door te laten groeien. Kortom: Ritme vinden wij belangrijker dan kilometers en het overnachtseizoen duurt negen weken, dus waarom in het begin zoveel kilometers. Advies: Stel de vraag ook aan Arjan, hij heeft vast en zeker een goede reden om het zo te doen en hij is misschien niet bang de vorm na een week of zes kwijt te raken en misschien heeft hij andere trucjes om dit tegen te gaan. Wij zijn ook benieuwd naar zijn antwoord.
Groeten van Gerrit en Jaco
Bijdrage no. 4 - Datum 20 mei 2009
Afgelopen weekend zijn de jaarlingen naar St. Job in ’t Goor gebracht. We durfden ze niet in te korven voor de Brabant 2000 vlucht vanuit Morlincourt, omdat de weersvoorspelling discutabel waren. Met de overjarigen namen we het risico wel, omdat deze duiven meer ervaring hebben en ze de kilometers ook goed konden gebruiken. Beide vluchten verliepen goed en er waren geen verliezen. Belofte maakt schuld. De vorige keer beloofden wij dat we iets zouden vertellen over de voorbereidingen naar het fondseizoen en de begeleiding van de duiven. Het is voor ons heel eenvoudig, omdat we al jaren bijna hetzelfde doen, maar misschien dat anderen er hun voordeel mee kunnen doen. De voorbereiding op het vliegseizoen begint eigenlijk eind september als het oude vliegseizoen is afgelopen. Je probeert de duiven goed de winter door te krijgen en ze voor te bereiden op de kweek in het voorjaar. Als de duiven gezond zijn, dan worden er geen medicijnen gebruikt, het hele jaar niet. Behalve de verplichte enting tegen paramixo, wat we overigens flauwekul vinden voor duiven ouder dan twee jaar, maar dit terzijde. Hebben de duiven een virus of bacterie opgelopen in de laatste weken van het vliegseizoen, wat heel goed kan, want de duiven raken in de rui, de vorm daalt en dan is een ziekte als ecoli of paratyfus zo opgelopen, dan moeten de duiven gekuurd worden. Dit is bij ons trouwens al jaren geleden voor het laatst noodzakelijk geweest. De duiven gaan gezond de winter in en komen normaal gesproken, ook gezond de winter uit.
|
 Klaar voor de eerste overnachtvlucht
|
 Even uitrusten na een uurtje trainen
| De eerste helft van maart wordt bij ons alles gekoppeld. Goede vliegduiven zitten tegen elkaar of komen tegen een goede kweker te staan en de eieren van deze koppels worden overgelegd naar de jongere garde. De oude vliegduiven (3 jaar of ouder) mogen geen jongen grootbrengen bij ons, die krijgen hun eerste ‘echte’ nestje op de eerste belangrijke vlucht. Deze duiven broeden over of worden gescheiden en later overgekoppeld op de duif waar ze het hele seizoen tegen blijven staan. De beste vliegduiven blijven tegen een kweekduif staan, omdat we de partner van die duiven niet graag verliezen, omdat een verbroken stand voor een belangrijke vlucht niet goed is voor de motivatie. De duif kan dan niet worden gespeeld of heeft een slechtere stand. Als de jongen 14 dagen oud zijn, gaan ze met de duivinnen naar het jonge duivenhok. Dit jaar hebben we ook een jong bij de doffer gelaten, wat prima beviel. Als de jongen 4 weken oud zijn, worden de duiven herkoppeld. De oudere duiven worden in drie groepen gezet voor de eerste twee vluchten (Limoges en St. Vincent). Een groep gaat op jongen van zeven dagen naar Limoges, een groep gaat op eieren van 10-12 dagen naar Limoges om vervolgens te worden doorgespeeld op jongen van ongeveer 6 dagen naar St. Vincent en een groep gaat op eieren van 7 tot 12 dagen naar St. Vincent. De tweejarige duiven gaan voor het eerst mee op Perigueux nadat ze de eerste dagfondvlucht van het seizoen hebben gehad. De jaarlingen worden alleen ingespeeld (kilometers maken) met één of twee dagfondvluchten als verste vluchten. De jonge duiven gaan we zelf vanaf half juli opleren en krijgen dan een navlucht om ervaring op te doen met de reismand. Voor de eerste fondvlucht proberen we dat de duiven minimaal 800 km hebben gevlogen en de duiven van St. Vincent minimaal 1.100 km. Vanaf eind april krijgen ze dan ook elke week een vlucht. We brengen ze veel zelf weg of ze worden ingekorfd bij de club of de duiven gaan ’s zondags naar Pommerouel met Brabant 2000 mee. Doordeweeks komen de duiven eens per dag in de avond anderhalf uur los, waarvan ze verplicht een uur moeten vliegen. Dit moet in het begin gestimuleerd worden met een bal, maar al snel gaat dat vanzelf. De laatste week voor een vlucht gaan alleen de duiven die meegaan naar de vlucht tweemaal per dag los. De kweek en voorbeidingen op de vluchten worden gedaan zonder medicijnen als het even kan. Als we het niet vertrouwen laten we de duiven controleren bij een erkende duivendokter als Hans van der Sluis of Nanne Wolff en als zij wat vinden dan wordt er gekuurd en als het in orde is, komen er geen medicijnen in het water of over het voer. Wat doen we wel als extra dingetjes. De duiven krijgen driemaal in de week ‘vers’ grit en mineralen in de voerpotjes in de vorm van Multimix van de Patagoon. De duiven krijgen als ze thuiskomen van de vlucht kweekvoer en ’s avonds zit erover het kweekvoer babyvoeding (melkpoeder) of kalverenmelk (poeder) aangevuld met Tovo en Eivoer en in het water electrolythen. Zo herstellen de duiven goed van de inspanningen. Verder in de week krijgen ze ‘gewone’ sportmengeling van drie verschillende merken en op het laatst van de week wordt de sportmengeling (50%) aangevuld met een mengsel van Gerry Plus, Energy Plus en snoepzaad. In voorbereiding op de grote fondvlucht gaat er over het voer Omega Olie met schapenvet, jonge kaas en wat biergist. Dit laatste omdat het anders een klef beetje wordt. Zo krijgen de duiven voldoende vetten binnen om de zware vluchten aan te kunnen. Duiven spreken namelijk al heel snel hun vetreserves aan om te kunnen vliegen, dus die moeten goed zijn aangevuld. Elke week krijgen de duiven minimaal een dag appelazijn in het water. Eens in de twee/drie weken krijgen de duiven een paar dagen Aviol of Reiger in het water, voor de ontsmetting en ze krijgen eens in de twee/drie weken een paar dagen knoflook en ui in het water ter bevordering van de weerstand/gezondheid. Al met al proberen wij de duiven medicijnloos door het jaar heen te loodsen en ze met natuurlijke producten te helpen gezond en in conditie te blijven. Daarbij is een goede training en ritme noodzakelijk om op de vluchten goed te presteren.
Veel succes de komende tijd !!!!
Bijdrage no. 3 - Datum 14 mei 2009
De vorige bijdrage eindigde wij met: De volgende lapvlucht zal tussen Den Bosch en St. Michielsgestel (41 km) zijn. Daarna nog een keer Best-West (55 km) en dan Meer (80 km). Op deze laatste africhting gaan ook de oude duiven voor de eerste keer mee.De drie lapvluchten zijn inmiddels geschiedenis. Vanaf St. Michielsgestel verspeelden we een late duivin, die in Nijmegen is opgehaald. Vanaf Best-West verspeelden we een mooie late doffer en vanaf Meer is alles teruggekeerd. Dus al met al is het opleren goed verlopen.
Donderdag zijn de duiven naar St. Job in ’t Goor (103 km) geweest (2 late doffers verspeeld, verder kwamen ze goed naar huis) en op zondag 9 mei voor de eerste keer ‘de echte mand’ in naar Pommerouel (215 km), met Brabant 2000 mee. Deze eerste training in een groot konvooi was pittig. Er stond een NO wind. De eerste duiven deden er ruim drie uur over en een half uur na thuiskomst van de eerste duif hadden we er 30 thuis van de 54. Een duivin van 2007 en een bevlogen jaarling doffer zijn achter gebleven. De oudste 11 jongen zijn woensdag 6 mei voor het eerst naar buiten gegaan. Dit zijn drie jongen van Jos de Ridder, waarvan de eitjes zijn uitgebroeid door duiven van een duivenvriend uit de vereniging, twee jongen uit Jo, de 1e nat. Mont de Marsan van ons, uitgebroeid door duiven van plaatsgenoot en zes jongen van Harold Zwiers uit Den Ham. De andere jongen zijn sinds vorige week zondag van de ouders af. Het ziet er goed uit bij de jongen.
 |
Vorige week zaterdag hadden we tegenslag. Dat kan gebeuren, maar is nooit leuk. Na het loslaten mistten we een duivin ‘de 21’ van 2003. Daar ons ‘de Vet Giant’ genoemd, een vetachtige lichtkras gekweekt uit twee kleinkinderen van ‘De Black Giant’ van Eijerkamp. Deze duivin heeft voor ons vier maal bij de eerste 100 nationaal gevlogen, waaronder een 11e NPO Brive en we vonden het tijd worden dat we haar als kweekduivin zouden gaan gebruiken. Dit voorjaar zijn we al twee jonge doffers kwijtgeraakt tijdens de kweek, waarvan we van één zeker wisten dat hij in aanraking was gekomen met een roofvogel, dus we dachten ‘De Vet Giant’ is op het land (want ze had grote jongen) gegrepen door een roofvogel. Het verhaal is echter anders. Toen ik op zaterdagavond koffie stond in te schenken in de keuken en ik naar boven keek uit het keukenraam boven de keuken, dacht ik dat ik een vleugel over de dakgoot zag hangen. Ik ging naar zolder en zag in de dakgoot een dode duif liggen. Ik ben niet zo’n klimmer, dus de dag erna heb ik samen met pa de duif uit de dakgoot gehaald. Wat ik al vermoedde was waar: Het was ‘De Vet Giant.’ | Ze had gif of kunstmest gegeten op het veld en heeft nog net het thuisfront kunnen halen en is toen van het dak gevallen en in de dakgoot terecht gekomen. Een triest einde van een klasse vliegduif !!! We hopen de laatste tegenvaller dit jaar, maar dat zal wel ijdele hoop zijn.
Volgende keer zal ik wat meer en overzichtelijk ingaan op de voorbereidingen voor het fondseizoen en de begeleiding op het gebied van voer en supplementen.
Ook namens pa, groeten van Jaco
Bijdrage no. 2 - Datum 19 april 2009
De jongen zijn inmiddels uitgekomen. In de vorige bijdrage vertelden wij dat niet één ei schier was. Het was te mooi om waar te zijn. Drie eieren zijn uiteindelijk niet of te laat uitgekomen, dus toch een kleine tegenvaller. Zeker omdat er een eitje van ‘De 11’ bijzat. Deze duivin is van 1996 en we waren blij dat ze een bevrucht ei had gelegd. Het vruchtje is niet sterk genoeg gebleken. Jammer, echt jammer!!! ‘De 11’ was zelf een hele goede vlieger. Maar de laatste jaren bleek ze eveneens een goede kweekster te zijn. Ze is de moeder van o.a. ‘De Blauwe 71,’ die o.a. de 21e nat. Montauban won, ‘De Grote Meneer’ die de 33e nat. Limoges won en ‘Het Kleine Bonte Doffertje,’ die in 2008 de 75e nat. Limoges en de 251e nat. Bergerac won. Het bevruchte eitje geeft wel hoop voor de rest van het seizoen.
 Witpen 15 met het Kleine Bonte Doffertje op hun 2e legsel
Deze keer willen we het hebben over de ‘Witpen 15’ hebben. Deze duivin uit 2001 won o.a. de 28e NPO Ruffec en de 42e nat. Bergerac. Ze zit inmiddels een paar jaar op de kweek en ze geeft goede jongen. ‘De Bonte 165’ was vorig jaar onze beste duif. Hij werd duifkampioen van de CCG 7 van de Afdeling 7 met drie prijzen: 237e nat. St. Vincent, 215e nat. Montauban en als klap op de vuurpeil de 47e nat. Bergerac. ‘De Bonte 165’ is een zoon van de ‘Witpen 15’ en heeft als vader ‘De Bonte Van Zon,’ afkomstig van Adrie van Zon uit Tiel. Deze doffer is van 1994 en heeft in het voorjaar van 2007 zijn laatste jong gegeven. ‘De Wipen 15’ konden we niet teruggezetten op de ‘Bonte Van Zon.’ Maar we wilden graag een ‘Bonte 165’ terugkweken. |
 De eerste jongen van de Witpen 15 en Het Kleine Bonte Doffertje met hun pleegmoeder
| ‘Het Kleine Bonte Doffertje’ die we eerder in dit verhaaltje hebben genoemd, komt ook uit ‘De Bonte Van Zon’ met ‘De 11.’ Een doffer met het goede bloed van de oude kweker, die zelf goed gevlogen heeft. Dat is het proberen waard om op elkaar te zetten. ‘De Witpen 15’ tegen ‘het Kleine Bonte Doffertje.’ De eerste jongen zijn inmiddels 10 dagen en het tweede koppel eieren ligt alweer in de schotel. De toekomst zal moeten uitwijzen of deze koppeling net zo’n succes is als ‘De Bonte Van Zon’ met de ‘Witpen 15’ of ‘De Bonte Van Zon’met ‘De 11.’ We hebben goede hoop!!!
| In augustus/september 2008 hebben we wat late jongen gekweekt, waarvan we er zelf 16 van hebben gehouden. Twee zijn we verspeeld van het hok en twee late duivinnetjes zijn naar een bevriende liefhebber gegaan, die twee duivinnen tekort kwam. De 12 overgebleven laatjes zijn afgelopen donderdag afgericht naar Ochten (17 km). Samen met mijn jongste zoon, Stefan, reed ik de Betuwe in. Drie late jonge doffertjes waren in het najaar al twee keer gelapt. Van de overige negen was het hun eerste africhting ooit. Tien waren al thuis voordat we thuiskwamen, eentje kwam drie uur later en de laatste de volgende middag. Inmiddels zijn de laatjes door pa en Gerco weer een keer afgericht naar Alphen (27 km). |
 'Daar moeten ze naar toe pappa!'
| Dit keer vlogen de laatjes samen met de andere jaarlingen. Ze waren 25 minuten na lossing weer op het thuisfront gearriveerd. De volgende lapvlucht zal tussen Den Bosch en St. Michielsgestel (41 km) zijn. Daarna nog een keer Best-West (55 km) en dan Meer (80 km). Op deze laatste africhting gaan ook de oude duiven voor de eerste keer mee.
Bijdrage no. 1 - Datum 06 april 2009
Het winterseizoen zit er op. Het is een tijd van rust, maar toch ook weer niet. De rust komt doordat je minder tijd kwijt bent aan de verzorging van de duiven. De duiven zitten bij ons gescheiden en op schapjes. Dat is minder schoonmaakwerk en de duiven blijven rustiger. Toch brengt deze tijd wel leuk werk met zich mee: Plannen maken voor de komende kweek en het vliegseizoen en natuurlijk de kampioenenhuldigingen en beurs van Rosmalen en Houten. Dat begon in oktober met de feestavond van Fondclub Gooi en Eemland en de feestmiddag van de Marathon Noord en dat eindigde in februari met de feestmiddagen van de NU en in maart van het samenspel 5 en 7 van de afdeling 7. Die laatste twee huldigingen waren heel tegenstrijdig. De NU leeft bij de fondliefhebbers van de afdelingen 7 t/m 11, al mopperen sommigen (in mijn ogen terecht) over Limoges dat voor de kortste afstand maar 720 km is. Maar dat is dan ook het enige puntje van kritiek. Er leeft bij de liefhebbers een hoop dat er in de nabije toekomst drie ochtendlossingen worden georganiseerd door de (afdelingen van de) NU, los van de ZLU. Dat zou inderdaad iets geweldigs zijn. De saamhorigheid onder deze groep fondliefhebbers is groot, dat was te merken. En dan de andere huldiging. Het was droevig, zeker voor de organisatie, die hun beste beentje had voorgezet. De opkomst was laag, tweederde van de kampioenen nam niet de moeite hun prijs op te halen. Een schande !!! Vorig jaar was er een groot buffet en toen konden de liefhebbers wel uit hun luie stoel komen om naar Barneveld te gaan. Jammer jammer jammer. Het was gelukkig de enige huldiging waar we niet blij van werden en ook bij de laatste hebben we het met een te klein aantal liefhebbers gezellig gemaakt.
Nadat we twee weken hadden bijgelicht van ’s ochtends 5 tot ’s middags 5 begon de kweek voor ons begin januari met 7 kweekkoppels, die we hadden gezet voor een bevriende duivenliefhebber uit Den Ham. Hij kreeg daar uiteindelijk 11 jongen van.
| Jammer dat er een jong van Jo, 1e nat. Mont de Marsan, uit de schaal was gevallen en dat de eieren van de Witpen 15 (o.a. 28e NPO Ruffec en 42e nat. Bergerac) schier waren. De volgende twee rondes van deze duivin waren goed. De eieren die bij de jongen zijn gelegd zijn gegaan naar twee bevriende liefhebbers uit Veenendaal, een oud-collega uit Ede, die een bon had gekocht en een Belgische duivencollega, die vorig jaar twee jongen in Houten van ons had gekocht waarvan hij veel plezier heeft.
Zonder bij te lichten hebben we op 12 maart 46 koppels gezet (alle vliegers en kwekers minus de late jongen van 2008). Hiervan houden we zelf 12 koppels, 12 koppels worden grootgebracht voor mensen die een bon hebben gekocht en een paar bevriende duivenliefhebbers, 12 koppels eieren zijn weggegaan naar bonnenkopers en de overige tien koppels zijn weggegooid. De 24 koppels eieren die er nu nog liggen worden grootgebracht door de kwekers, de jaarlingen de de tweejarigen. De oudere vliegduiven krijgen hun eerste jong op Limoges, St. Vincent of Montauban. Nu rijst de vraag welke koppels houd je dan zelf? Dat zijn de best bewezen kwekers en vliegers, die soms (als ze op leeftijd zijn, 8 jaar of ouder) worden gekoppeld tegen mooi gebouwde en bevederde jaarlingen uit de beste duiven. De wat jongere topduiven komen tegen elkaar te staan. Elk jaar wordt er omgekoppeld, zodat er ook halfbroer tegen halfzus kan komen te staan als het twee toppertjes zijn. Wat zijn toppers? Duiven die nationaal top 50 of meerdere keren top 100 hebben gevlogen of hebben gekweekt. Verder wordt er bij het koppelen gekeken dat er niet teveel lijnen door elkaar komen te lopen. |

| Een kruising wordt teruggezet op een zuivere duif van één van de twee lijnen waar hij of zij is uitgekomen. De duiven waren gezond want bij de ronde van 12 maart was niet één ei schier, vanaf 8 april komen ze uit en dan zullen we zien of ze goed opgroeien. De duiven zijn vorig weekend geënt tegen paramixo toen ze allemaal al minimaal 5 dagen zaten te broeden, verder zijn we niet van plan wat te doen aan medische middelen, want als de duiven gezond zijn, moet je ze niets geven. Eind april wordt de mest onderzocht en als het dan nog steeds goed is, blijft het bij de paramixo-enting.
|